Hennie's ding
‘Ik sta hier en ik zing, ik doe gewoon mijn ding. Dat moet je accepteren!’
“Je ding doen”. Zoals met veel irritante dingen is Doe Maar ermee begonnen. Bovenstaande tekst komt uit het liedje ‘Pa’. Een ontzettend kinderachtig nummer waarin Hennie Vrienten zingt dat hij het niet leuk vindt om netjes zijn haren te kammen, zijn tanden te poetsen en ‘U’ te zeggen. Die aversie kennen we van kleuters, maar Hennie is 32. Tenminste, dat zingt hij in ‘sinds een dag of twee’, en ik zie niet waarom hij erover zou jokken. Tenzij hij eigenlijk ouder is. Dat zou het geheel nog net wat verdrietiger maken. Hennie zal het verder een zorg zijn. Hij doet gewoon zijn ding.
Doe Maar is een band voor de eeuwigheid. Je hoort het uitgebreide repertoire nog dagelijks op de radio, en kroegen krijgen er ook nog altijd geen genoeg van. Bovendien kan iedereen het meezingen, en wordt de band steevast onder het kopje ‘blijft goed’ gecategoriseerd.
Ik word meestal een beetje chagrijnig van Doe Maar. De Nederlandse taal is me dierbaar, ook in muziek, maar daardoor ga je wel extra kritisch luisteren. De teksten van Doe Maar roepen associaties met Bill van Dijk bij me op. Bill van Dijk zong sesamstraatplaten vol. Over de was doen en zure bommentaart. Doe Maar zit een beetje in dezelfde hoek, als het op onderwerpen aankomt. In ‘Doris day’ bijvoorbeeld; Doe Maar op z’n vervelendst. Een nummer waarin Hennie Vrienten mij, een volwassen vent, vertelt dat TV kijken niet goed voor me is en ik veel beter lekker buiten kan gaan spelen. Hennie heeft zeker nog niet uit het raam gekeken vandaag.
Gelukkig is het niet altijd kermis. Soms wijken de teksten af van de gebruikelijke Dikkie Dik-thema’s, en pakken de heren serieuzere zaken aan. Dan zingen ze ineens over, bijvoorbeeld, wiet, wat in die tijd toch niet misselijk was. Helaas wordt ook dat opgediend op een bedje van vreselijk kneuterige feestneuzenmuziek. ‘Nederwiedewiedewiet! Wiedewiedewiet! Ja ja nederwiedewiedewiet!’ Wolter Kroes is weggehoond om minder.
Muzikaal is het ook allemaal een beetje natte kranten-werk, als je ’t mij vraagt. Nu moet je het mij misschien niet vragen, want ik hou in den beginne al niet van reggae. Reggae is luie muziek. Technisch gezien vreten de muzikanten geen reet uit, maar ook van de luisteraar wordt niks verwacht. Lekkere vrolijke tonen, voort dobberend in een zalverig niks-aan-de-hand-sfeertje. Op zich natuurlijk helemaal niet verkeerd, maar niet een hele LP lang. Soms is er namelijk wel iets aan de hand.
Het mag, wat mij betreft, na al die jaren wel eens afgelopen zijn met die blinde Doe Maar adoratie. Me dunkt dat we het al druk zat hebben met alle vervelende bands van nu. De meeste meisjes van 20 zijn inmiddels ook zo sportief om toe te geven dat die eerste CD van Di-rect een ontzettende kutplaat was. En die twee erna eigenlijk ook.
Het lastige met Doe Maar is dat het sympathieke kerels zijn. Daar baal ik van. Als er nou vier keer Barry Hay had gestaan was het een makkelijker verhaal geweest, maar nee, hartstikke leuke jongens zijn het, verdomme. Dat frustreert me ook zo aan die nieuwe zanger van Di-rect. Marcel. Prima vent. Je kunt tegenwoordig ook nergens meer ongehinderd een hekel aan hebben. De heren hoeven zich nergens wat van aan te trekken. Ze staan daar, en ze doen gewoon hun ding. En dat moet ik accepteren.

Laatste reacties